Met Poes Karel naar de dierenarts. Het dametje krijgt in toenemende mate last van ouderdomkwaaltjes. Ze oogt tevreden, maar ik maak me toch zorgen. Afspraak gemaakt om langs te komen in de dierenartsenpraktijk in het Neurenburgpad, onder de Groenedijk. Net voordat we zouden vertrekken stapt ze met haar stijve en kromme pootjes over de rand van de kattenbak. Nog even een plas. Van mijn moeder moesten we voordat we de auto in stapten allemaal nog even: “dan plas je maar de plas die nog komt”. Eenmaal in de auto kreeg Karel het lastig. Eerst kwam het eten eruit, en daarna zat ze met haar bekje wagenwijd open en gestresst in de mand. Met één vinger door de stijlen probeerde ik haar te aaien. Dat stelde haar zichtbaar gerust.

In de dierenkliniek werd ze met veel zorg en liefdevol aan een onderzoek onderworpen. Er was veel aan de hand. Wachtend op de uitslag van het bloedonderzoek mijmerde ik wat weg naar lang vervlogen jaren. Dat kon omdat Karel inmiddels in haar reismandje weer haar normale slaapritme hervond… Ik realiseerde me dat ik me op een terrein bevond waar we vroeger (lang geleden) vaak speelden. 

We woonden met vader, moeder en 7 kinderen in de Van Slingelandlaan. Achter het huis stond een garage en daarachter, tussen de Oranjelaan en de Groenedijk, beleefden we ongestoord allerlei avontuurlijke middagen. Wat we er allemaal deden, ik weet het niet meer.We zijn weer thuis. Soms denk ik dat Karel dement is. Ze ligt vredig op de vensterbank, met een potentieel uitzicht over de Oude Maas. Ons avontuur weer volledig vergeten…

Plaats een reactie