Tango Jalousie

Alweer heel wat jaartjes geleden kreeg ik van mijn vriend Henk een CD met salonmuziek van het salonorkest Trocadero. Op de hoes een zwartwit foto met een verleidelijke jonge vrouw, gekleed in ouderwets ondergoed, met diep decolleté en een jonge man die volledig in zwijm zijn wang op haar boezem legt. Zijn verlangende blik maakt overduidelijk zichtbaar waar hij op uit is. De enige kleur op de omslagfoto van de CD komt van de bos rode rozen die achteloos op een stoel is gelegd.

Nu gaat het bij een CD natuurlijk vooral om de muziek en niet zo zeer om de hoes. Ook de muziek trok me wel aan, met titels als ‘Salut d’amour’, ‘Tango Jalousie’ en ‘Liebesleid’.

Ik maakte een kopie van de CD met foto. Mijn ouders genoten tijdens mijn tweewekelijks zorgweekend vooral van mijn aanwezigheid en waren blij met het cadeautje dat ik had meegebracht. De sobere woonkamer in het Sterrenwiel was omgetoverd tot een salon waar de strijkers in een hoekje de sfeer verhoogden. De koffie met een stukje appeltaart smaakte beter dan ooit. 
Mijn moeder prikte wat ineengedoken in de rolstoel met haar bibberhandjes stukjes van de taart op haar vork. Het zesde nummer van de CD startte en als een opgewonden veer ‘sprong’ ze op. Goed dat ze op dat moment geen hap van de appeltaart in haar mond had, anders had ze zich daar zonder twijfel in verslikt. De muziek wierp haar meer dan 70 jaar terug in de tijd. Ze begon te vertellen:

Ze was 17 jaar, Odetteke, jongste dochter van Omèr en Marguerite Vervaeke, twee broers waren vroeg overleden. De één aan een blindedarmontsteking de ander aan een longontsteking. Een beeldschoon meisje. 

De oorlog is juist afgelopen. Omèr en zwager Richard moeten proberen monden te voeden en doen dat niet met legale middelen. Woonachtig in het Vlaamse dorpje Wervik, tegen de grens van Frankrijk geplakt, blijkt de verleiding te groot om gebruik te maken van de kansen die er liggen. Bij een smokkelactie worden ze gearresteerd en mogen ze net voordat de oorlog echt afgelopen is voor ongeveer een jaar het cachot in. Moeder en drie dochters moeten zich maar zien te redden. Odette gaat vanuit Wervik in de huishouding. Ze vindt een gezin in de grote stad Gent bij docteur Mombeke, schoonzoon van de oudburgemeester van Menen. Nonkel Jerome is chauffeur van de oudburgemeester. 

Odette begint al met een zwak gestel aan haar werk. De oorlog en de armoede eisen hun tol. Werkomstandigheden en arbeidsvoorwaarden: de paar franken die ze verdient gaan direct de huishoudpot in. Moeder Marguerite woont inmiddels met de twee jongste meiden bij haar oudste dochter Jeanne. Warm water is er niet, de toilet staat ergens achter in de ‘koer’. 

Odette treft het niet. Docteur Mombeke is een tiran en eist veel te veel van haar. Als hij op ziekenbezoek naar zijn patiënten moet, geeft hij twee keer een brul. Een keer voor de chauffeur van dienst die hem rijdt in zijn auto. De tweede keer om Odette te roepen dat hij vertrekt. Odette maakt de ramen schoon. Een koud en nat werkje. Heel soms krijgt ze steun van vrouwkes uit de straat. Die brengen dan een keteltje warm water om dat te mengen met het koude water zodat het werk buiten iets draaglijker wordt. “Kom’n een keer van die trap af en knoop de veters van mijn schoenen”, klinkt bars door het huis. Vernederender kun je het niet hebben. Een vijfdaagse werkweek is volledig onbekend. Odetteke mag 1 keer in de vier weken op zondagochtend naar huis maar moet dezelfde avond weer terug in Gent zijn. Die zondag gaat vooral op aan de lange reis met de trein en bus. Gent – Wervik kent een lastige verbinding zeker in die tijd.

Op een dag, Odette loopt door het centrum van Gent op weg naar de markt. Boodschappenlijst in de mand. Groente, zeep, naaigerei enz. Het werken valt haar al erg zwaar, ze is de uitputting nabij. Ze heeft erge pijn in haar tengere lijf. Dan, lopend over de markt hoort ze de tonen van een prachtig muziekstuk. Als door een magneet wordt ze ernaar toe getrokken. Uit een grammofoon in een winkel aan de markt klinken de prachtige klanken van een salonorkest.

Odette’s adem stokt, ze zoekt een beschut plekje en gaat op een stoep zitten. Luisterend naar de klanken van deze klassieke tango lopen opeens de tranen haar over de wangen. De sluizen openen zich. Zo mooi dit, en zo ongelukkig. 

Op haar vrije zondag gaat Odette die week even langs de schoonvader van dokter Mombeke, de oud-burgemeester van Menen. Een adres waar ze vaker even kan ‘schuilen’ voor de nare wereld waar ze in leeft. Als de deur wordt geopend zakt ze in elkaar, totaal uitgeput en ernstig ziek. De goede mensen aarzelen geen moment en maken den docteur van Gent duidelijk dat Odette te ziek is om te kunnen werken. Ze wordt op bed gelegd om eerst maar eens een paar uur te slapen. Aan het eind van de middag laat de oud-burgemeester de auto voorrijden. Odette wordt door Nonkel Jerome naar Wervik gebracht. Daar is ze te moe en te zwak om de verhalen te vertellen. Een longontsteking heeft haar geveld, de situatie is ernstig. De kracht in het tengere lijfje en de wil om te overleven is sterk. Nonkel Jerome haalt in Frankrijk medicijnen die nodig zijn en het lukt uiteindelijk om op te knappen. Werken in Gent bij docteur Mombeke hoeft niet meer. Dan maar af en toe honger lijden. Bijna dagelijks komt huisdocteur D”Hondt kijken hoe het met zijn patiënt gaat. Bij een latere ontmoeting van dokters onder elkaar maakt docteur D’Hondt zijn Gentse collega duidelijk dat hij verbijsterd is dat Mombeke een meisje onder zijn ogen laat bezwijken van het harde werken en de barre werkomstandigheden. 

Nooit was ik achter dit verhaal gekomen als het fenomenale geheugen van mijn moeder niet zo goed werkte. Opgeroepen door de klanken van het prachtige Tango Jalousie.

Madrid, maart 2016
Het gaat niet zo goed met me. Eigenlijk had ik me moeten verheugen op een weekje Madrid. Een combinatie van congresbezoek en enkele toeristische, culturele momenten in de stad. Het alleen zijn valt me zwaar. Voortdurend trek ik mezelf naar beneden, ik voel me een looser, maak alles kapot wat ik heb opgebouwd. Mijn vertrek uit Bodegraven nog geen jaar geleden voelt nog steeds als een persoonlijk falen. De eerste dagen begeef ik me uitsluitend van hotel naar congrescentrum en terug. De stad durf ik niet in. En dan trekt de magie van de muziek me uit de put. Na vier dagen staren in de ruimte van congreszaal en naar een duffe hotelmuur besluit ik op donderdagmiddag alsnog iets te gaan doen. Museum, muziekwinkel en wandeling door het centrum, avondje uit.
Het FNAC Madrid is misschien wel de grootste winkel om muziek te kopen. Met een tasje vol symfonieën van Mahler vervolg ik mijn weg. Moe en nog steeds onzeker over mijn bestaan wandel ik door winkelstraatjes met allerlei vertier dat volledig aan me voorbijging. Maar dan, even verderop zitten twee oude mensen tegen een muurtje. De man speelt accordeon, en het oude kromgebogen vrouwtje doet niets anders dan naast hem zielig te zitten met in haar handen een mandje voor het geld. Ik loop voorbij en precies op dat moment begint op zijn accordeon met een mij overbekende melodie: Tango Jalousie. Ik zoek een muurtje waar ik even op kan zitten. Dit signaal mag ik niet aan me voorbij laten gaan. Nadat de man zijn Tango Jalousie afsluit, haal ik uit mijn portemonnee het kleingeld dat ik nog heb en gooi het in het mandje van de oude dame.
In de culturele agenda zie ik dat op donderdagavond in Teatro Nacional een jeugdopera van Richard Wagner wordt opgevoerd. Uiteindelijk kies ik toch voor een flamenco-avond. Op vrijdagavond in mijn hotelkamer zet ik een CD op met muziek van Gutsav Mahler, de Tweede Symfonie. Ik krabbel weer op. De volgende ochtend permitteer ik me de luxe om een taxi te bestellen die me naar het vliegveld kan brengen. De chauffeur die zich meldt blijkt een hartstochtelijk liefhebber te zijn van klassieke muziek. Als ik instap herken ik onmiddellijk de muziek die uit de taxiboxen klinkt: De Tweede Symfonie van Gustav Mahler. De rit naar het vliegveld had voor mij nog wel een half uur langer mogen duren…
Op zaterdagavond zo rond 7 uur kom ik aan op Schiphol. Niet veel later stap ik in mijn auto waar de vertrouwde geluiden van de klassieke Radiozender alweer uit mijn boxen klinken. Na enkele minuten kondigt de radiopresentator aan dat om 8 uur die avond een integrale uitzending plaats vindt van de uitvoering van ‘Das Liebesverbot’, een jeugdopera van Richard Wagner, vanuit de Teatro Nacional te Madrid. De voorzienigheid heeft me met wat hulp van de muziek weer op gang getrokken…

Plaats een reactie